AkzoNobel

SikkensFoundation

Home

Back to homepage

back to home

SikkensFoundation

Piet Mondriaanlezing

MONDRIAANLEZING 1995 MUTATIE VAN DE STAD — REM KOOLHAAS — In de hieronder volgende samenvatting geeft Koolhaas het landschap als antwoord op de mislukkende verstede- lijking, en weet daarbij beide laureaten - Adriaan Geuze en de stadsreiniging van Parijs - met elkaar te verbinden. Bij deze lezing publiceert Sikkens Foundation een ande- re tekst van Rem Koolhaas over de stad: Generic City, overgenomen uit zijn op dat moment nog niet versche- nen eigen publicatie S, M, L, XL. Koolhaas memoreert de dag in 1963 toen hij als jong journalist sprak met Le Corbusier, de grote meester, die de Sikkensprijs had gekregen. Een oude man, herinnert hij zich, die hoewel ‘slechts’ 76 jaar, als een ‘verkalkte aligator’ voortbewoog en tijdens zijn dankwoord de draad van zijn betoog kwijtraakte, een pijnlijke ervaring voor de toehoorders. Nu, 32 jaar later, krijgt een landschapsar- chitect de Sikkensprijs, amper de helft van Le Corbusiers leeftijd, evenals de straatvegers uit Parijs, net als Le Cor- busier. En Koolhaas zelf is van beginnend journalist nu zelf architect, of liever gezegd spreker. Terug naar overzicht

Hij beschrijft het proces van verstedelijking in Oost-Azia- tische landen, waar vanuit de jungle verticaal de stad op- rijst, zonder verleden, zonder geheugen, in één keer. Het fenomeen stad ondergaat op dit moment overal stuip- trekkende veranderingen. Voor onze ogen muteert zij, wordt opnieuw uitgevonden. De stad is niet langer het re- sultaat van aanwijsbare rationele handelingen, niet lan- ger het gevolg van een plan van een stedenbouwer. De stad is ondergeschikt aan natuurwetten, niet meer aan cultuurwetten. ‘Phantom pain’ heet de pijn die je voelt van een geamputeerd, niet meer bestaand ledemaat. Op deze manier houdt stedenbouw zich bezig met de bestu- dering van een niet meer bestaande conditie. Wat gaat stedenbouw vervangen? Een vorm van proces begelei- den. Soms heb ik het gevoel, zegt Koolhaas, dat zo’n be- roep al bestaat, en het heet landschap of landstad. Land- schap is een veel beter antwoord op dit proces, dan architectuur of stedenbouw. Landschap koppelt moeite- loos het onverenigbare, bedekt het onverteerbare, veran- dert het vulgaire, consumptieve in oase. Landschap is snel, eenvoudig, goedkoop, efficiënt, vrij van controver- se, flexibel. Landschap kan links zijn of rechts, kritisch of onkritisch, frivool of serieus, Disney of kerkhof. Stedenbouw - het is helemaal niet meer nodig, sterker nog, het is niet eens wenselijk, het compliceert de boel maar. Stedenbouw houdt op. De voormalige derde we- reld - nu grootstadslaboratorium - heeft ons probleem op- gelost. De stoep, het trottoir, de grond, het maaiveld - dat is het enige verband dat alles aan elkaar knoopt. Deze ‘meditatie’ zoals Koolhaas het noemt, is niet door afgunst ingeblazen, integendeel. Zijn respect en zelfs liefde voor het landschap gaat zelfs zover dat hij zich er- bij aan wil sluiten. Door de stad/stedenbouw/architectuur gedeeltelijk als landschap te beschouwen kunnen ook wij onze onschuld claimen. De stad als landschap onder- gaan - dat is het enige wat erop zit. Het is ontstaan, niet gemaakt. Het is een proces, geen ontwerp, het is niet stabiel, het gebeurt. De stamboom van landschap gaat ongetwijfeld terug naar het paradijs - die van de architec- tuur naar de zondeval. Landschapsarchitecten hebben dus een directe lijn met het paradijselijke - straatvegers de eer om, keer op keer, de zonde weg te bezemen en te spuiten - vandaar deze prijs en de terechte koppeling. Download tekst als pdf